Wat Arne Slot en Robin van Persie kunnen leren van Carlo Ancelotti


FOTO ALBERTO GARDIN/GETTY IMAGES
Real Madrid-aanvaller Vinicius Junior reageert boos - „Altijd ik!” - op zijn coach 
Xabi Alonso als hij wordt gewisseld in de thuiswedstrijd tegen Barcelona, eind oktober.

Jonge, veelbelovende trainers worden geprezen om hun tactisch vermogen. 
Toch lopen ze soms vast op het managen van grote ego’s. 
Carlo Ancelotti geldt hierin als buitengewoon tactvol. Wat is zijn geheim?

«Alonso vraagt veel van zijn spelers, niet alleen qua discipline in de 
trainingen maar ook in de arbeid bij het druk zetten op tegenstanders»

26 Jan 2026 - NRC
Steven Verseput

Wanneer Clarence Seedorf in 2002 bij AC Milan komt spelen, merkt coach Carlo Ancelotti al snel dat de Nederlandse middenvelder „koppig” kan zijn. „Hij had voortdurend discussies met zijn teamgenoten, alsof hij dacht dat hij de leiding had”, schrijft Ancelotti in The Dream, zijn nieuwste memoires die afgelopen najaar verschenen. „Je bent niet de manager”, zeiden ploeggenoten tegen Seedorf. „Je hoeft niet zo te praten.”

Ancelotti probeert het „instinct” van Seedorf te „kanaliseren” door hem „bepaalde verantwoordelijkheden” te geven in wedstrijden. „Maar ik stelde ook voor dat hij beleefder moest zijn als hij wilde dat er naar hem geluisterd werd.” Dat advies heeft effect. Ancelotti ziet Seedorf in de jaren erna ontwikkelen tot een „onmisbare leider” op het middenveld van AC Milan, dat in die periode twee keer de Champions League wint.

Het zegt iets over de subtiliteit waarmee Ancelotti opereert. En waarom hij kon uitgroeien tot een van de meest succesvolle coaches van dit tijdperk, met in totaal vijf Champions League-titels en landskampioenschappen in alle vijf grote Europese competities. Al blijft Ancelotti, opgegroeid op een boerderij in het Noord-Italiaanse plaatsje Reggiolo, er altijd bescheiden onder.

In het moderne topvoetbal neemt Ancelotti (66), huidig bondscoach van Brazilië, een bijzondere positie in. Jonge, veelbelovende trainers worden vaak geprezen om hun tactisch vermogen, uitgekiende wedstrijdstrategieën, gedetailleerde video-analyses of gestructureerde trainingsvormen. Minder vaak gaat het over het managen van de kleedkamer en de verstandhouding met clubbestuurders die over het lot van de trainer beslissen. Aspecten die belangrijker worden naarmate je dichter bij de top komt en de ego’s groter worden. Ancelotti geldt hierin als buitengewoon bedreven.

Het is een thema dat dit seizoen actueel is bij verschillende Europese topclubs. Beloftevolle trainers als Ruben Amorim (40), Enzo Maresca (45) en Xabi Alonso (44) moesten recent vertrekken bij respectievelijk Manchester United, Chelsea en Real Madrid. Een belangrijke oorzaak, naast verstoorde verhoudingen met de clubleiding, was dat zij niet in staat waren om rust en stabiliteit te brengen in hun ploeg.

Explosieve uitspraken Salah

Iets vergelijkbaars was vorige maand te zien bij Liverpool FC. Daar kwam Arne Slot (47) na een reeks slechte resultaten verder onder druk door explosieve uitspraken van zijn gepasseerde sterspeler Mo Salah („Het voelt alsof ik onder de bus word gegooid”). Het gaf naast veel commotie ook aanleiding tot twijfels over de autoriteit van Slot.

In de kleedkamer van Feyenoord raakte coach Robin van Persie (42) na een nederlaag tegen Sparta in een felle woordenwisseling met Quinten Timber, onder meer over diens inzet. De middenvelder, die begin dit seizoen de aanvoerdersband werd afgenomen, verweet zijn coach direct erna live op tv dat hij zijn spelers niet in bescherming neemt. Dit leidde tot vragen over de wijze waarop Van Persie zijn ploeg leidt (Timber vertrok kort erop naar Olympique de Marseille).

De achtergronden van deze kwesties verschillen, maar de overeenkomst is dat coaches het vertrouwen verloren en conflicten publiekelijk werden uitgevochten. Topclubs hebben tegenwoordig allerlei specialisten, van psychologen en teamontwikkelaars tot dataanalisten en sportwetenschappers. De ontwikkeling van teams en spelers wordt in detail geanalyseerd, met talloze beelden en data. De moderne trainer kan vrijwel niks meer ontgaan.

En toch, bepleit de in het Italiaans voetbal gespecialiseerde journalist James Horncastle, is een belangrijk deel van het vak nog altijd nauwelijks te doorgronden. Op The Athletic, de sporttak van The New York Times, schrijft hij: „We onderschatten het onzichtbare, slagen er niet in het ongrijpbare te begrijpen en zien het belang van subtiliteit niet in.”

Daarmee doelt hij op het vermogen om alle spelers het gevoel te geven betrokken en belangrijk te zijn, gemotiveerd te houden, zich onderdeel te laten voelen van een groep. Ofwel, de kleedkamer als ruggengraat van de ploeg. Met zijn „emotionele intelligentie” en „voetbal-IQ”, schrijft Horncastle, opereert Ancelotti bijna geruisloos in dat fijngevoelige krachtenveld.

„Hij heeft de gave om spelers op de een of andere manier allemaal tevreden te houden”, zegt huidig PSV-directeur Marcel Brands. Bij Everton werkte hij als technisch directeur anderhalf seizoen met Ancelotti, van eind 2019 tot medio 2021. „Hij geeft iedereen veel vertrouwen en respect. Een heel prettig mens, die net zo makkelijk met de voorzitter praat als met de materiaalman.”

De toenmalige eigenaren van Everton – onder wie oligarch Alisher Usmanov – bemoeiden zich soms met de voetbalinhoudelijke kant. Veel coaches zijn daar niet van gediend. Ancelotti, wel wat gewend bij AC Milan waar Silvio Berlusconi eigenaar was en later bij Real Madrid waar de invloedrijke zakenman Florentino Pérez zijn voorzitter was, ging daar „heel relaxed” me om, zegt Brands. „Hij wist ze het gevoel te geven dat hij luistert, dat hij ze respecteert.”

Hij heeft een ‘klein ego’

Geholpen door een „klein ego” weet Ancelotti zich feilloos aan te passen aan degenen die binnen de club de macht hebben, zegt (sport)auteur en Financial Times-columnist Simon Kuper in de podcast Heroes & Humans of Football. Niet alleen in de bestuurskamer, ook in de kleedkamer. „Hij leunt op zijn leiders, maakt hen verantwoordelijk en spreekt ze aan als zij falen. Maar hij geeft ook om ze.”

Waar Pep Guardiola het voetbal vernieuwde met zijn positiespel, Jürgen Klopp het doorontwikkelde met zijn speelwijze gericht op hoge intensiteit (Gegenpressing), onderscheidt Ancelotti zich op het menselijke vlak. „Manmanagement”, noemt voormalig Realspelmaker Luka Modrić dit in het boek van de Italiaanse trainer.

Brands zag bij Everton hoe Ancelotti sterspelers Richarlison en James Rodríguez het gevoel gaf dat zij „bijzonder zijn, zonder dat hij ze op een voetstuk zette”. Hij kon Rodríguez passeren, toch werd de Colombiaanse aanvaller niet boos, zegt Brands. „Je merkt het grote verschil [met andere coaches] pas wanneer hij weg is. Dat zie je nu ook bij Real Madrid.”

Voor dit seizoen was het een van de interessantste, meest veelbelovende projecten in het internationale topvoetbal. Xabi Alonso, een jonge opkomende Baskische trainer die in 2024 landskampioen werd met Bayer Leverkusen, begon afgelopen zomer bij Real Madrid. Hij was de opvolger van Ancelotti, die in vier jaar twee Champions League-titels won (in zijn tweede periode in Madrid). Als oud-speler kende Alonso de club, de enorme druk, de grote invloed van voorzitter Pérez en de ‘Galactico power’: de macht van de sterspelers.

Alonso is een exponent van een moderne generatie trainers. Hij werkt zeer gedetailleerd, met gestructureerde trainingsvormen, uitgebreide video-analyses en een specifieke wedstrijdtactiek. Hierin vraagt hij veel van zijn spelers, niet alleen qua discipline in de trainingen maar ook in de arbeid bij het druk zetten op tegenstanders. Deze werkwijze, zeer succesvol in Leverkusen, wilde hij ook doorvoeren bij Real – een contrast met de meer relaxte benadering van Ancelotti.

Moeite met coachen sterspelers

Uit een reconstructie van The Athletic blijkt dat Alonso al snel tegen problemen aanloopt. In het artikel zegt een bron dat een van de moeilijkheden was om „spelers met zo’n groot ego te coachen”, een ander zegt dat Madrid geen „team had dat geïnteresseerd was in training”.

Bepalende spelers als Vinicius Júnior en Jude Bellingham zouden niet overtuigd zijn geweest van de voetbalideeën en persoonlijke aanpak van Alonso. Wanneer aanvaller Vinicius Júnior eind oktober wordt gewisseld tegen FC Barcelona, verlaat hij woedend het veld. „Altijd ik!”, roept hij. Voor het eerst is zichtbaar dat Alonso de grip op zijn spelersgroep kwijtraakt.

Nog duidelijker is dat te zien wanneer Alonso na het verloren duel om de Spaanse Supercup tegen FC Barcelona, half januari, zijn spelers instrueert een erehaag te maken voor de winnaar. Op beelden is te zien dat Kylian Mbappé dat weigert, waarop meer ploeggenoten terug stappen. Volgens Spaanse media een signaal dat Alonso het gezag in de kleedkamer is verloren. De volgende dag wordt Alonso weggestuurd, na slechts acht maanden in functie.

Wat Ancelotti wel lukte, het sterrenensemble van Real managen, mislukt dus onder Alonso. „Deze nieuwe generatie coaches heeft het vaak over structuur, een gamemodel. Zij hebben niet de flexibiliteit die Carlo heeft”, zegt Horncastle in een podcast. „Hij is erg nederig in het werken met deze supersterren, hij begrijpt wat ze nodig hebben.”

Dat is ook wat Brands merkt bij een bezoek aan Ancelotti, destijds nog bij Real Madrid. De Italiaan vertelde hem dat hij de topspelers niet meer hoeft te vertellen wat zij precies moeten doen – qua trainingen, voeding, fysieke arbeid. „Hij zei: waar ik alleen voor moet zorgen is dat ze bereid zijn zich weg te cijferen voor het team en dat ze samen willen spelen, dan kunnen we succesvol zijn.”

Daarbij legt hij op tactisch vlak veel verantwoordelijkheid bij zijn spelers. Tekenend is de bespreking in rust van de Champions League-finale tegen Borussia Dortmund, juni 2024. Real heeft het lastig, Ancelotti betrekt zijn bepalende spelers bij het zoeken naar een oplossing, schrijft hij in zijn memoires. De spelers vinden dat er een extra man op het middenveld nodig is – waarna Real in de tweede helft domineert en de finale met 2-0 wint.

Die bespreking vatte samen wat Ancelotti zo „bijzonder” maakt, zegt middenvelder Bellingham in het boek. „Ik heb het gevoel dat sommige moderne coaches zoveel instructies geven omdat ze vinden dat ze meer moeten doen dan andere trainers. Ze willen bijna poppenspelers zijn.”

Commenti

Post popolari in questo blog

I 100 cattivi del calcio

Dalla periferia del continente al Grand Continent

Chi sono Augusto e Giorgio Perfetti, i fratelli nella Top 10 dei più ricchi d’Italia?