“Didi handelt alsof Dolfke de wereld nog regeert”
ZONDERLINGE ZEGES
Disco’s, auto’s, vrouwen: er ging geen dag voorbij of hij trakteerde de Duitse media op een nieuw en sappig verhaal. Toen Thurau de Zesdaagse van Frankfurt had gewonnen, dook hij het nachtleven in. In bontjas, met een pistool in de binnenzak
24 Apr 2026 - Gazet van Antwerpen Stad en Rand
WIM VOS
Voor elke grote klassieker zetten we de spotlights op een zonderlinge winnaar uit het verleden. Een renner met een merkwaardig of dramatisch verhaal. Vandaag: de Duitser Dietrich Thurau, winnaar van Luik-Bastenaken-Luik in 1979 die niet veel later bezwijkt onder de schandalen en rellen. Doping, vechtpartijen, fraude en corruptie: ‘Didi’ deed het allemaal.
Niet eens vijf jaar geleden, op een blauwe maandag in september 2021. Op de Duitse sportredacties valt een merkwaardig bericht binnen. Het Duitse anti-dopingagentschap NADA heeft het dossier van voormalig profwielrenner Björn Thurau opnieuw onder de loep genomen. Een grote naam is die nooit geweest. Een tiental jaar prof, waaronder een jaar bij BORA en het Belgische Wanty, met de bergtrui in de Ronde van Zwitserland als grootste trofee. Zelfs in Duitsland heeft Björn Thurau jarenlang nauwelijks de krant gehaald.
Tot nu dus. In de rand van Operation Aderlass, een Europees onderzoek naar bloeddoping, is zijn naam komen bovendrijven. En zo anoniem de renner Thurau, zo actief blijkt de dopingzondaar in hem. Illegale vetverbranders, bloeddoping, zelfs hormonen uit de paardensport: het staat allemaal op zijn conto. Bovendien gebruikte hij niet alleen. Wie het nodig had, hoefde maar aan te kloppen. Dader én dealer.
In Duitsland zijn ze na de dopingstrapatsen van Ullrich, Schumacher, Telekom en andere Gerolsteiners in het eerste decennium van deze eeuw best wat gewend. Maar dit? En dát maakt het bericht zo merkwaardig: het NADA schorst Björn Thurau voor liefst negen jaar en zes maanden.
Al zijn uitslagen van december 2010 tot maart 2021 worden geschrapt. Een hele carrière en toekomst in één pennentrek uitgewist. Zelfs in het wielrennen is het een straf om van te duizelen. Maar dat doen ze in het Zwitserse hoofdkwartier van de mondiale wielerbond UCI niet, toch niet de anciens van dienst. Thurau? Het zal wel dat ze die naam kennen. Björn Thurau is de zoon van Dietrich Thurau. De vader was nog veel erger dan de zoon.
Solo van 80 km
Nochtans, als Dietrich Thurau in 1979 als eerste over de finish komt in Luik-Bastenaken-Luik, juicht de wielerwereld hem nog toe. Dietrich – zeg maar ‘Didi’ –
Thurau heeft na een solo van om en bij de 80 kilometer zowaar Bernard Hinault naar de tweede plek verwezen. Deze renner lijkt opnieuw op de man die minder dan twee jaar eerder, op z’n 22ste, zo’n verbluffend debuut in de Tour had gemaakt. Pak aan: vijf etappezeges waaronder de proloog, negentien dagen in het geel, beste jongere, de vijfde plek in het eindklassement en tussendoor Eddy Merckx een paar keer ingeblikt. Na welgeteld één Tour had Thurau zich ontpopt tot een fenomeen zoals de koers ze nog niet te vaak had gezien. Der Didi. Blits en beresterk tegelijk. ‘De blonde engel’. Zelfs het Franse publiek was die zomer zo massaal voor de charismatische Thurau gevallen dat het de Franse president Giscard d’Estaing deed zeggen dat “Thurau meer heeft betekend voor de Frans-Duitse relaties dan dertig jaar diplomatie”.
Toegegeven, nadien was de groeicurve ietwat afgevlakt. Scheldeprijs, E3 Harelbeke, Ronde van Duitsland, het destijds hoog aangeschreven Kampioenschap van Zürich: niet dat het niets meer voorstelde, maar de grote, sensationele doorbraak die zich in die Tour van 1977 had aangekondigd, leek uit te blijven. Tot deze sensationele zege in Luik, hoopt iedereen. De eerste Duitser die dit Monument wint. Didi doet het dan toch!
Het loopt anders. En eigenlijk hadden ze dat al in 1977 kunnen zien. Toen Thurau dat jaar op het WK in het Venezolaanse San Cristobal tweede was geworden achter de Italiaan Francesco Moser, had dat al een eerste alarmbel doen afgaan. Zelfs bij de lekke band van Moser in volle finale had Thurau niet versneld, en de sprint had hij gewoon laten lopen. Zelfs de meest naïeve journalisten hadden er de wenkbrauwen bij gefronst. Verkochte boel. “Moser won met het hoofd, de benen en … zijn portefeuille”, lezen we vandaag in het betere naslagwerk.
Ook dat was dus Thurau: een renner verslingerd aan geld, niet bang voor wat gesjoemel. Zijn intimi hadden dat al snel na zijn doorbraak in ’77 in de gaten gekregen. Hoe de sport zelf steeds minder zijn prioriteit was. Vedette Thurau liet zich de weelde wel heel erg welgevallen. Disco’s, auto’s, vrouwen: er ging geen dag voorbij of hij trakteerde de Duitse media op een nieuw en sappig verhaal. Toen Patrick Sercu met Thurau aan zijn zijde in 1978 de Zesdaagse van Frankfurt had gewonnen, zag hij zijn kompaan na af loop het nachtleven induiken. In bontjas, met een pistool in de binnenzak. Want: “Je moet in het leven op alles voorbereid zijn.”
© BELGA
Na een solo van 80 kilometer wint Didi Thurau in 1979 Luik-Bastenaken-Luik.
Maar daarna gaat het steeds meer bergaf met zijn carrière.
Relschopper
Het zal ook na zijn huzarenstuk in Luik niet veranderen. Integendeel. De zege in de Waalse topklassieker wordt zijn laatste noemenswaardige wapenfeit op de weg en in recordvaart ontpopt de godenzoon van weleer zich tot een onhandelbare relschopper. De daaropvolgende lente raakt Thurau in twee dopingschandalen betrokken. Dat hij met zo’n strafblad überhaupt in de Tour van ’80 mag starten, is anno 2026 onbegrijpelijk. Even onbegrijpelijk als zijn roemloze opgave in die Tour. Op een ochtend stapt de bleek presterende Thurau, zonder zijn ploeg in te lichten, plompverloren op de trein naar Parijs. Auf wiedersehen! Zijn ploeg is not amused.
Ook dat wordt een constante. Vanaf 1979, tien jaar aan een stuk, zal het ongeleide projectiel Thurau elk jaar van ploeg veranderen. Intussen stapelen de incidenten en schandaaltjes zich op. In 1982 komt het tot een handgemeen met de wedstrijdleider van de Zesdaagse van Dortmund: Thurau wordt naar huis gestuurd. In 1985 staat hij voor een Duitse vrederechter. Thurau, door de rechtbank bestempeld als “een autoritaire huisbaas die anderen het leven zuur maakt en wegpest”, heeft een van zijn huurders onophoudelijk geterroriseerd met nachtelijke telefoontjes. De boete loopt in de duizenden euro’s.
Zijn ‘sportieve’ dieptepunt beleeft Thurau inmiddels in de Tour van 1985. Thurau is aan alweer een bleke Tour bezig als hij op dag negen in de tijdrit richting Straatsburg wordt ingelopen door de jonge Fransman Charly Mottet. De balorige Thurau bijt zich tegen alle regels vast in het wiel van Mottet – stayeren is strikt verboden – en negeert tot tweemaal toe een verwittiging van de wedstrijdcommissaris. Die heeft na af loop geen andere keuze dan Thurau een minuut straftijd en een forse geldboete te geven. Maar dat is niet naar de zin van de driftige Duitser. Als hij de volgende dag de Belgische voorzitter van de wedstrijdjury, Raymond Trinne, tegen het lijf loopt, schiet Thurau in een furie. Sommige kranten spreken van een f linke oorveeg, anderen van een regelrechte vuistslag, nog anderen houden het erop dat hij Trinne naar de keel greep met de boodschap “dat hij hem bij een volgende gelegenheid in het ziekenhuis zou kloppen”.
Feit is: nog diezelfde dag wordt Thurau manu militari uit de Tour gezet. Zelfs zijn Belgische ploegleider, de laconieke Berten De Kimpe, doet geen enkele poging meer om Thurau nog te verdedigen. “Didi denkt en handelt alsof Dolfke de wereld nog regeert”, verwijst die weinig subtiel naar een andere Duitse aanval 45 jaar eerder.
Onfrisse zaken
Hij zal nooit veranderen, Dietrich Thurau. In 1989 neemt hij afscheid van het wielrennen, maar niet nadat hij twee jaar eerder opnieuw een dopingplas in de Tour heeft afgeleverd. Het wordt zijn laatste grote ronde. In Luik-Bastenaken-Luik, zijn laatste Monument, is hij eerder dat jaar anoniem 71ste geworden op meer dan zeven minuten van Moreno Argentin. Wat volgt, is een post-carrière die even tumultueus is als zijn uitgedoofde wielerloopbaan. Faillissementen, diepe schulden, een boete van omgerekend 3.500 euro voor het schoppen van een hond, nog een boete van 5.000 euro voor een aanval op een taxichauffeur, vervalsen van vergunningen, misbruik van vertrouwen, zelfs met tienduizenden euro’s aan verzorgingsgeld voor zijn verlamde vader gaat Thurau aan de haal… Tot 25 jaar na het einde van zijn carrière, we zijn dan al diep in de nieuwe eeuw, blijft zijn naam om onfrisse redenen in de Duitse media opduiken. Pas de jongste tien jaar keert de rust in het leven van de intussen grijs geworden Dietrich Thurau terug. Zoon Björn heeft de fakkel dan al overgenomen.

Commenti
Posta un commento