Marokko bezwijkt onder kolossale druk, penalty in slotminuut gemist


FOTO SIPHIWE SIBEKO / REUTERS 
Nicolas Jackson van Senegal in actie tegen 
Nayef Aguerd en Achraf Hakimi van Marokko.

De mislukte panenka van Brahim Diaz op het allesbeslissende moment in de Afrika Cup-finale kwam gastland Marokko duur te staan. Na verlenging kroonde Senegal zich zondagavond voor de tweede keer tot beste voetballand van Afrika.

Panenka van overmoedige Brahim Diaz was een van de slechtste penalties in de voetbalgeschiedenis

20 Jan 2026 - NRC
Sam van Raalte

Alles zat in de penalty van Brahim Diaz, diep in de blessuretijd van de finale van de Afrika Cup, zondagavond. De sterspeler van Marokko eiste de bal op van Youssef En-Nesyri, eigenlijk de aangewezen man voor de strafschop. Diaz had de penalty zelf versierd en was dit toernooi de man in vorm voor Marokko. Hij vond dat hij het recht had dit klusje te klaren in de finale tegen Senegal. Met de druk van de natie op zijn schouders ging Diaz achter de bal staan. Hij had de ultieme kans om Marokko voor het eerst in vijftig jaar naar de winst van het belangrijkste voetbaltoernooi van Afrika te schieten.

Het Prins Moulay Abdellah-stadion was tot de nok gevuld met bijna 67.000 supporters, grotendeels uit gastland Marokko. De paar duizend supporters van Senegal hielden het niet meer. Even daarvoor hadden enkelen van hen geprobeerd het veld te betreden uit woede over de toekenning van de strafschop na een ingreep van de VAR. Zij werden met harde hand terug de tribune op geslagen door de politie. Die voerde twee Senegalese supporters af.

Een deel van de Senegalese spelers had het veld demonstratief verlaten na de toekenning van de penalty, om erna door Sadio Mané teruggehaald te worden naar het veld. Zij hielden hun adem in terwijl Diaz zijn aanloop nam. Wat volgde was een van de slechtste penalty’s in de voetbalgeschiedenis. Diaz nam het overmoedige besluit om de bal te stiften, een panenka. Als het was gelukt, was Diaz de geschiedenisboeken ingegaan als een ijskonijn. Maar de Senegalese keeper Édouard Mendy bleef staan en ving de bal eenvoudig op.

De droom van Marokko spatte uiteen, Diaz was in tranen. In de verlenging knalde de Senegalese middenvelder Pape Gueye al snel snoeihard de 1-0 tegen de touwen. Marokko verloor zo de finale in Rabat, als gedoodverfde favoriet in eigen huis.

Bijzondere bloeiperiode

De winst van de Afrika Cup had de kroon moeten worden op een bijzondere bloeiperiode van het Marokkaanse elftal. Marokko was goed begonnen aan het toernooi, met juist Diaz als talisman. De in Spanje geboren buitenspeler scoorde zowel in de eerste drie groepswedstrijden als in de achtste- en kwartfinale. Het grootste deel van de basis van de Atlas Leeuwen, zoals de bijnaam van het Marokkaanse elftal luidt, kwam net als Diaz uit de diaspora. Aanvoerder Achraf Hakimi en Ismael Saibari werden ook geboren in Spanje, terwijl de wiegen van Bilal El Khannouss, Noussair Mazraoui en Neil El Aynaoui in respectievelijk België, Nederland en Frankrijk stonden.

Goed uitgewerkt plan

Achter de samenstelling van de Marokkaanse selectie zat een goed uitgewerkt plan dat meer dan tien jaar geleden is opgezet door de Marokkaanse voetbalbond. In 2014 schreef Algerije geschiedenis door voor het eerst de knock-outfase van het WK te halen. Dat deed Algerije met een elftal waarin veel spelers zaten die waren geboren in Frankrijk. Marokko had destijds al zestien jaar geen WK gehaald en besloot het Algerijnse voorbeeld te volgen.

De Marokkaanse voetbalbond is vanaf toen gericht gaan scouten op talentvolle spelers in Europa met een Marokkaanse achtergrond, om hen over te halen voor Marokko uit te komen. Deze strategie leverde al snel sportief succes op. In 2018 bereikte Marokko voor het eerst in twintig jaar de eindronde van het WK, waarna het in 2022 een ongekende prestatie leverde door de halve finale van het WK te halen.

Naast het scouten in de diaspora investeerde Marokko honderden miljoenen in de sportfaciliteiten. De finale in Rabat werd gespeeld in het splinternieuwe Prins Moulay Abdellah-stadion, dat pas afgelopen zomer is opgeleverd en 70 miljoen euro heeft gekost.

Dit stadion is onderdeel van een groter sportcomplex in de hoofdstad, met verder onder meer een olympisch zwembad en een atletiekbaan. In totaal kostte de bouw meer dan 300 miljoen euro. Zestig kilometer verder bouwt Marokko bij Casablanca aan het Hassan II-stadion, dat met een capaciteit van 115.000 plekken het grootste voetbalstadion ter wereld wordt. Dit met het oog op het WK 2030, dat door wereldvoetbalbond FIFA is toegewezen aan Marokko, Spanje en Portugal. Aan het Hassan II-stadion hangt een prijskaartje van meer dan 400 miljoen euro.

Grootschalige protesten

Niet iedereen in Marokko is blij met deze investeringen in voetbalstadions. In september braken in het land grootschalige protesten uit, nadat er die maand acht Marokkaanse vrouwen waren overleden bij het bevallen. De dood van deze vrouwen onderstreepte in de optiek van de demonstranten de slechte staat van de Marokkaanse gezondheidszorg. De werkloosheid onder jongeren is met 35,7 procent ook hoog. „We hebben hier stadions, maar waar zijn de ziekenhuizen?”, luidde een van de slogans van de massale jongerenprotesten. De Marokkaanse overheid trad met harde hand op, maar kondigde na weken onrust uiteindelijk wel beleidswijzigingen aan. De regering verhoogde het budget voor onderwijs en zorg voor dit jaar met 16 procent naar 13 miljard euro.

Lang niet alle duels van andere landen waren uitverkocht, maar bij de wedstrijden van Marokko puilden de tribunes uit van de euforische supporters in het rood en groen van de Marokkaanse vlag. Marokko werd moeiteloos eerste in een groep. In de knock-outfase rekende het af met achtereenvolgens Tanzania, Kameroen en Nigeria.

Run op kaartjes

In aanloop naar de finale was er een run op kaartjes. Oorspronkelijk waren die te koop vanaf 40 euro, maar in de doorverkoop liepen de bedragen op van 800 euro tot in de duizenden per ticket. Als favoriet kon en mocht het niet misgaan tijdens de finale in hoofdstad Rabat. Maar in de finale stond er een gevaarlijke ploeg tegenover de Marokkanen. Senegal heeft een gebalanceerd team, met veteranen als Sadio Mané (Al Nassr, ex-Liverpool) en Edouard Mendy (Al Ahli, ex-Chelsea), gecombineerd met toptalenten als Ibrahim Mbaye (PSG) en Pape Matar Sarr (Tottenham).

De Senegalese voetbalbond (FSF) publiceerde daags voor de finale een statement waarin het sterke kritiek uitte op de Marokkaanse organisatie. Er waren maar 2.850 kaarten beschikbaar gesteld voor Senegalese fans, terwijl het stadion een capaciteit heeft van bijna 70.000. Ook was de bond niet blij met de kwaliteit van het hotel dat hun was toegewezen. Bij aankomst bij het station van Rabat voor de finale was de Senegalese selectie bovendien ingesloten door een massa Marokkaanse supporters, die op de foto wilden met sterspelers als Sadio Mané. „Het is niet normaal wat er is gebeurd”, zei de Senegalese bondscoach Pape Thiaw. „Er had van alles kunnen gebeuren door kwaadwillende mensen.”

Vlam in de pan

Tijdens de finale floten de Marokkaanse supporters vanaf het begin massaal bij elk balcontact van Senegal. Op het veld zat de spanning er ook zichtbaar in bij beide ploegen, al was Senegal in de eerste helft nipt de betere. In de tweede helft nam Marokko het initiatief over en creëerde het de beste kansen, maar beide landen hielpen de mogelijkheden die ze kregen om zeep.

De vlam sloeg pas in de blessuretijd goed in de pan, toen scheidsrechter Jean Jacques Ndala uit Congo een doelpunt van Senegal afkeurde om een lichte overtreding van Abdoulaye Seck op Achraf Hakimi. De consternatie was compleet toen hij even later een penalty gaf aan Marokko, nadat de VAR had geconstateerd dat Diaz licht was vastgehouden in het strafschopgebied van Senegal.

Op de tribunes zakten Marokkaanse mannen en vrouwen huilend in elkaar, toen Mendy de penalty van Diaz makkelijk stopte en Gueye daarna scoorde voor Senegal. Zo mochten niet de Marokkanen, maar de Senegalezen voor de tweede keer ooit de Afrika Cup omhoog houden. Terwijl de Senegalese selectie uitzinnig feest vierde met de supporters, verdwenen de Marokkaanse spelers gauw in de catacomben. Diaz was zichtbaar aangeslagen. Zijn hoogmoed kwam Marokko duur te staan.

***


FOTO CARMEN ABD ALI/AFP 
Senegalese toeschouwers zondag tijdens de finale van de Afrika Cup 
in de ‘fanzone’ bij het Renaissance Monument in Dakar.

Even zweeg heel Dakar, om daarna te ontploffen van vreugde

In de Senegalese hoofdstad Dakar was het tijdens de finale een kakofonie van vuvuzela’s, claxons en vuurpijlen – behalve rond de penalty voor Marokko. „We zijn zo trots.”

De hemel kleurt paars en groen door siervuurwerk

20 Jan 2026 - NRC
Eva Oude Elferink

God is Senegalees, Ibrahima Gaye weet het zeker. Met een grijns die van zijn gezicht lijkt te breken, knielt de 51-jarige beveiliger voor de televisie die speciaal voor de gelegenheid op straat is getild, kabels bungelend vanuit een naastgelegen garagedeur. Een gebedje na misschien wel de meest knotsgekke finale in de geschiedenis van de Africa Cup of Nations lijkt op zijn plaats.

Dat Senegal deze finale zou winnen van Marokko, vrij letterlijk ín het hol van de Leeuwen van de Atlas, daar waren Gaye en de om hem heen verzamelde collega’s vooraf stellig van overtuigd. En niet alleen zij. Al sinds de vroege ochtend klonken de straten van de Senegalese hoofdstad Dakar alsof de trofee, Senegals tweede in vier jaar tijd, al binnen was.

Maar na een afgekeurd doelpunt van Senegal en kort daarop een penalty voor Marokko, met nog een amper een minuut speeltijd op de klok, had de kakofonie van vuvuzela’s, claxons en vuurpijlen plaatsgemaakt voor stilte. Ook hier in de volkswijk Ouakam. „Voleur!” klonk het slechts getergd richting de televisie met daarop de scheidsrechter in beeld. Dief.

Loepzuiver doelpunt

Gelukkig is God Senegalees. Marokko’s penalty vloog recht in de handen van keeper Édouard Mendy en middenvelder Pape Gaye maakte het af met een loepzuiver doelpunt. Nog voor dat op hun televisiescherm te zien was, rende beveiliger Gaye al juichend over straat: die had de verlossing meegekregen via de radio, die hij simultaan afspeelde op zijn telefoon.

Als een klein half uur later het fluitsignaal klinkt en Senegal zich, inderdaad, opnieuw de winnaar van de Afrika Cup mag noemen, ontploft de West-Afrikaanse kuststad. Uit alle hoeken en huizen stromen mensen naar buiten, auto’s en scooters behangen met vlaggen scheren in een rotvaart voorbij. De vuvuzela’s zijn in al hun glorie terug, evenals de fluitjes, claxons en vuurpijlen.

Bij het Monument van de Afrikaanse Renaissance, een ruim vijftig meter hoog gevaarte dat op een heuvel boven de stad uittorent, hebben duizenden supporters zich om een groot scherm verzameld en kleurt de hemel paars en groen door siervuurwerk.

„We zijn zo trots”, grijnst de 29-jarige Saye Mbong die vlakbij het monument met haar vriendinnen naar de uitzinnige menigte kijkt die voor bijtrekt. „Het was geen gemakkelijke wedstrijd, maar we hebben nooit het vertrouwen verloren.” Ook de vriendinnen, net als ruim 95 procent van Senegal moslim, zien in de winst van hun ploeg de hulp van bovenaf. Allah heeft hen deze overwinning gegeven, zegt informatica-student Adama Faye stralend. En oké: „Ook Sadio Mané.”

De tweevoudig Afrikaans voetballer van het jaar toonde zich deze Afrika Cup wederom de onbetwiste ster van het Senegalese team en een smaakmaker van het toernooi. Het verlossende doelpunt kwam deze finale dan misschien niet van hem, zoals in 2022 tegen Egypte, maar de Al Nasrspeler (voorheen Liverpool) was zoals zo vaak wel de sleutel in het spel van Senegal.

Ditmaal onder meer door als plaatsvervangend captain de gemoederen tot bedaren te brengen en zijn team weer terug te halen, dat na de onder betwistbare omstandigheden aan Marokko toegewezen penalty boos van het veld was gelopen. „Dit is voetbal”, zei hij achteraf tegen journalisten. „Sommige beslissingen zijn juist, andere niet. Maar de hele wereld kijkt naar ons. Dan is het niet fair om niet te spelen.”

Mede dankzij Mané groeide Senegal de afgelopen jaren uit tot één van de beste teams op het continent, met alleen Marokko voor zich op de wereldranglijst (nummer 11 tegen nummer 19). Dat maakte dit ook tot de door velen gedroomde slotwedstrijd van het toernooi. Had Marokko daarbij het thuisvoordeel, Senegal had de ervaring: van de afgelopen vier Afrika Cups, stond Senegal drie keer in de finale (in 2019, 2022 en nu weer in 2026). Iedere keer was Sadio Mané daarbij.

Als het aan de inmiddels 33-jarige vedette zelf ligt, was dit wel zijn laatste, zo zei hij na de halve finale tegen Egypte. Daarmee zinspeelde Mané ook op een einde van zijn carrière in de nationale ploeg, na het wereldkampioenschap in de Verenigde Staten komende zomer. Het vorige WK, waarvoor Senegal zich eveneens wist te kwalificeren, miste hij op het laatste moment door een blessure.

Grote sterren en nieuw talent

Bondscoach Pape Thiaw denkt daar anders over: „Een heel volk staat achter hem en zij willen hem graag zien doorspelen.” De aanvaller past dan ook naadloos in de strategie van oud-international Thiaw, wiens ploeg een mix is van grote sterren als Mané, Édouard Mendy en Kalidou Koulibaly en nieuw talent met ervaring binnen Europese clubs, onder wie de 17jarige Ibrahim Mbaye, die uitkomt voor Paris Saint-Germain.

„Mané is een monument”, beaamt Yaya Mané (geen familie), van pet tot broek in het groen-geelrood van de Senegalese vlag gestoken, enkele uren voor de finale. Al sinds de ochtend zit de 37-jarige vastgoedondernemer samen met zijn broers en zussen op plastic stoelen onderaan het Renaissancemonument om zeker te zijn van een goede plek voor het scherm.

Over de uitkomst was het gezelschap toen al heel stellig. „Nous sommes des lions”, wij zijn leeuwen, zegt Mané. „Wij kennen alleen de overwinning.”

Commenti

Post popolari in questo blog

I 100 cattivi del calcio

Dalla periferia del continente al Grand Continent

Chi sono Augusto e Giorgio Perfetti, i fratelli nella Top 10 dei più ricchi d’Italia?