In de kampioensploeg van PSV luistert iedereen naar Mauro Junior


Mauro Junior viert een doelpunt tijdens de uitwedstrijd met PSV tegen AZ in 2025.
FOTO ANP 

Als échte ‘nummer 10’ kwam Mauro Junior naar PSV. Acht jaar later kan trainer Peter Bosz hem overal op het veld inzetten. Zelden staat hij vol in de schijnwerpers, maar op de achtergrond is de Braziliaan een van de leiders van de ploeg. „Ik zou wel twéé M

«Mauro wordt door iedereen geaccepteerd en gerespecteerd. 
Je ziet anderen nooit kijken van: wat doet hij hier nou?»
   - Peter Bosz trainer PSV

«Het draait voor mij niet alleen om de club of competitie»
   - Mauro Junior over zijn voetbaltoekomst

4 Apr 2026 - NRC
Joost Pijpker en Hugo Logtenberg

EINDHOVEN - De Duitser Frank Wormuth houdt van duidelijkheid en structuur. En dus deelt de coach van Heracles in november 2019, net als altijd, de dag voor de wedstrijd de opstelling met zijn spelers. Een etmaal later treffen ze Ajax in Amsterdam.

Voor de van PSV gehuurde Mauro Junior is geen plaats in de basiself. Wormuth wil met 0-0 de rust halen, door zoveel mogelijk op balbezit te spelen en risico’s uit te sluiten, en dan in de tweede helft proberen toe te slaan. Daarom zet hij de Braziliaan met de splijtende pass in Amsterdam op de bank.

„Coach, wat maak je me nou?”, zegt Mauro met onverholen woede in zijn stem. „Ik legde hem uit dat ik in de as van het veld nu iemand nodig had met defensieve kracht”, zegt Wormuth terugblikkend bij een kop koffie. „Niet iemand die veel dribbelt en de beslissende eindpass wil geven.”

Wormuth eist al langer van de technisch vaardige Braziliaan dat hij op meerdere posities kan spelen. Niet alleen als aanvallende middenvelder, als nummer 10. „Voetbal is niet gekoppeld aan één positie”, legt Wormuth hem uit. „Althans, mijn voetbal niet.” Daarom moet Mauro zich schikken naar wat het team nodig heeft, en ook zonder morren als rechter aanvaller willen spelen, als ‘7’, zoals hij in het begin van dat seizoen ook een paar keer deed.

Maar op deze middag is Mauro minder flexibel. Hij wil de club die hem verhuurde, PSV, overtuigen van zijn kwaliteiten. En hoe kan dat beter door te schitteren tegen de grote concurrent, op de positie die hem het best ligt? Over waaróm Mauro niet start in Amsterdam, lopen de herinneringen uiteen. Volgens Wormuth nam hij de voetballer in aanloop naar het duel apart en stelde hij hem voor een keuze. „Ik zei: ‘Je speelt op 7, of je speelt niet’. Daarop zei Mauro: ‘Dan speel ik niet. Ik ben een 10, trainer.’” Een lezing die door de toenmalige fysiektrainer Colin de Graaf wordt bevestigd.

Mauro laat via zijn zaakwaarnemer weten dat hij het zich anders herinnert. In zijn ogen had Wormuth al besloten hem niet op te stellen, van werkweigering zou geen sprake zijn geweest. Wel erkent de Braziliaan hoe teleurgesteld en boos zijn rol als wisselspeler hem maakte. Dat zien ook anderen in zijn omgeving: de technisch directeur van Heracles, fysiektrainer De Graaf, zijn zaakwaarnemer, medespelers. Cyriel Dessers, dat seizoen centrumspits bij Heracles: „Hij begreep er niets van dat hij niet speelde.”

Ruim zes jaar later is het ondenkbaar dat Mauro ontbreekt in de basiself van zijn club, de aanstaande landskampioen PSV. Maar zelden nog op de positie waar hij als tiener van droomde. De ene week speelt hij linksback, een wedstrijd later als rechtsachter, of als controleur op het middenveld. Een heerlijke speler voor trainers om bij de groep te hebben, zegt coach Peter Bosz. „Ik heb weleens gezegd dat ik twéé Mauro’s in mijn elftal zou willen.”

Wie is de stille kracht van PSV, dat zondag voor het derde seizoen op rij landskampioen kan worden? Wat onderscheidt hem en waarom lopen trainers inmiddels met hem weg? Portret van een, volgens zijn gastouder Ans Sanders, Brabantse Braziliaan. „Toen ik hem op Koningsdag op de markt in Eindhoven van links naar rechts mee zag springen op het nummer van de Snollebollekes, dacht ik: je bent er een van ons.”

Heilige missie

Klein en tenger. Wie jeugdfoto’s van Mauro bekijkt, valt op hoe schril hij afsteekt bij zijn leeftijdsgenoten. Met zijn club Desportivo Brasil uit de staat São Paulo speelt hij in mei 2013 een toernooi met jongens die een jaar ouder zijn dan hij. Zelf is Mauro dan net veertien jaar.

Hij onderscheidt zich als nummer 10, in de rug van de spits: technisch vaardig, een soepele dribbel en gezegend met een fabuleus spelinzicht. „Ik dacht: die jongen speelt met de volwassenheid van een Europese speler”, zegt Richard Mettes. De Nederlander, ooit opgeleid als bedrijfskundige, heeft zich in de jaren gevestigd in de stad São Paulo om te speuren naar spelers die interessant kunnen zijn voor Europese clubs.

Na afloop van een van de wedstrijden op het toernooi loopt Mettes naar Mauro toe. Hoewel de linkspoot al een zaakwaarnemer heeft, weet Mettes het duo te enthousiasmeren voor PSV. Hij onderhoudt goede contacten met de club uit Eindhoven en raakt tijdens gesprekken met Mauro onder de indruk van de gedrevenheid van het ventje.

Mauro, voluit: Mauro Jaqueson Júnior Ferreira dos Santos, is de middelste van drie kinderen uit een katholiek gezin uit het dorp Palmital. Zijn jonge moeder runt het huishouden, zijn vader is veelal afwezig. Financieel is er weinig ruimte. Om zijn droom te realiseren en het gezin te helpen, verlaat Mauro op jonge leeftijd het huis om bij Desportivo Brasil te kunnen spelen, op bijna vier uur rijden. Af en toe keert hij terug naar huis.

Zijn talent levert hem uitnodigingen op voor nationale jeugdteams en in 2014 een stage bij Liverpool. Maar zijn besluit staat vast: zodra hij 18 is, wil hij naar PSV, de club waar zijn landgenoten Romario en Ronaldo eerder furore maakten. Mauro heeft dan al enkele keren een periode meegetraind in Eindhoven. Het is hem goed bevallen, mede door de intensieve begeleiding van Mettes die hem er op weg helpt en benadrukt hoe belangrijk discipline is in Nederland. De Hollandse noodzaak van op tijd komen, ontgaat Mauro niet.

Met zijn club Desportivo Brasil neemt hij in de zomers van 2015 en 2016 deel aan een internationaal jeugdtoernooi in het Brabantse Nuenen. De bokaal voor de beste speler van het toernooi is twee keer voor hem. In 2016 verblijft hij bij Ruud en Ans Sanders, betrokken leden van de Roomskatholieke Sportvereniging in het dorp. Het klikt. Mauro valt wat betreft leeftijd precies tussen hun eigen drie kinderen in.

Wanneer de Braziliaan in de zomer van 2017, direct na zijn achttiende verjaardag, definitief naar PSV komt, trekt hij in bij de familie Sanders. De zolderkamer is voor hem, de twee zoons gaan samen op één kamer slapen. „Wat me het meest opviel aan Mauro, is hoe ongelofelijk gemotiveerd hij was om te slagen”, zegt Ruud Sanders thuis aan de keukentafel. Ans knikt instemmend. „Ik bracht hem vaak naar de training, die om half negen begon. Dan zat hij om kwart voor acht al klaar op de bank om weg te gaan, aangekleed en wel.”

Het leven in Nuenen is een verademing voor Mauro, letterlijk. De schone en zuurstofrijke lucht, de veiligheid (Ans: „Hij was verbaasd dat je hier veilig kon pinnen”), de faciliteiten bij PSV – hij geniet ervan, net als van de huiselijke gezelligheid. „Iedereen is hier zo aardig voor me geweest”, zegt hij er zelf over, in gesprek met

Op het veld bij Jong PSV heeft hij het fysiek zwaar, zien ook zijn gastouders. ’s Avonds rond tien uur gaat de spelverdeler vermoeid naar boven. De spreuk ‘Ordem e progresso’ – Orde en vooruitgang, in het midden van de Braziliaanse nationale vlag – vat zijn instelling goed samen. De heilige missie om zijn familie aan de armoede te onttrekken, móet slagen. Ans Sanders herinnert zich hoe Mauro na ontvangst van zijn eerste maandsalaris meteen met haar wilde shoppen. „Dat begreep ik zo goed, gezien zijn afkomst.” Lachend: „Hij kocht een paar schoenen van 450 euro. Niet de mooiste, maar hij was er dolblij mee.”

Steppen

Het toeval helpt de carrière van Mauro eind 2017 een stap verder. PSV, van trainer Philip Cocu, speelt op maandag 9 oktober een benefietwedstrijd tegen het Mexicaanse CF Pachuca. Door de afwezigheid van veel spelers wegens interlandverplichtingen krijgt Mauro een kans. Die grijpt hij. Cocu haalt hem bij de selectie van het eerste elftal. Zes dagen later debuteert de Braziliaan voor PSV in de uitwedstrijd tegen VVV in Venlo, waarin hij meteen scoort.

Toch zit een vaste basisplaats er niet in. Mauro wisselt dat eerste jaar telkens tussen het eerste elftal en Jong PSV. Mark van Bommel, de opvolger van Cocu, geeft de voorkeur aan anderen en ziet meer in het grootste talent van PSV dat eraan lijkt te komen: Mohamed Ihattaren.

Het is een moeilijke periode voor de kleine Braziliaan, ook al omdat hij anders dan de meeste medespelers bij PSV op dat moment geen vriendin en geen rijbewijs heeft. Hij woont inmiddels op zichzelf in een appartement in Nuenen. Zijn gastouders rijden hem nog regelmatig naar De Herdgang, het trainingscomplex van PSV.

Op de dagen dat dat niet lukt, pakt Mauro de bus, een step onder zijn arm. Peter Uneken, assistent-trainer bij Jong PSV: „Dan zag ik hem steppend tussen al die bolides het terrein op komen.” De twee ontwikkelen een goede band. Als ze elkaar zien, knuffelen ze elkaar. Ook nu nog. „Dat past heel erg bij Mauro”, zegt Uneken. „Hij is heel dankbaar voor de kansen die hij heeft gehad.”

Voetballend draait de Braziliaan moeiteloos mee bij Jong PSV. „Het was heerlijk om met hem samen te spelen”, zegt Sam Lammers, die in de spits speelt. „Het meest opvallende aan hem vond ik zijn een enorme vechtlust bij balverlies. Veel meer dan wij gewend zijn van aanvallers.”

Ondanks zijn goede spel heeft Mauro weinig zicht op speeltijd in PSV 1. De concurrentie is moordend. De club leent hem in 2019 voor één seizoen uit aan Heracles. Al snel zijn ze in Almelo onder de indruk van Mauro’s toewijding om zich te ontwikkelen. „In de eerste weken kwam hij naar me toe: hij wilde materialen hebben zodat hij ook thuis kon oefenen”, zegt Colin de Graaf, destijds fysiektrainer bij de club. „Op dat moment was er geen andere speler bij Heracles die dat zo serieus nam.”

Met een eigen trainer werkt Mauro in de avonden regelmatig nog een uurtje extra aan zijn fysiek. Logisch ook, want de Braziliaan treft vaak tegenstanders die een stuk groter en breder zijn dan hij. Dat hij die in een duel fysiek opzij kan zetten, is vooral omdat hij leert hoe hij zijn lijf slimmer kan gebruiken. Trainen met „heel veel kilo’s” heeft bij iemand met Mauro’s postuur weinig zin, zegt De Graaf. Het risico is dat je hem dan „verpest”.

In plaats daarvan analyseren hij en Mauro samen video’s van eerdere duels om te zien wat daar misging en doen ze doelgerichte oefeningen om dat te verbeteren. Stel dat een aanvaller van rechts tegen de voetballer aanleunt, zegt de fysiektrainer. „Staan je benen dan dicht bij elkaar, dan duw je hem zo om. Maar als je je linkerbeen breed wegzet en je zet daar veel gewicht op, dan wordt dat veel moeilijker. Dat is het leuke aan voetbal: het draait niet zozeer om hoevéél kracht je zet, maar hoe en wanneer.”


FOTO BART STOUTJESDIJK/ANP 
Mauro Junior in de thuiswedstrijd tegen sc Heerenveen, in februari van dit jaar.

Na een voorzichtige start bloeit Mauro tijdens het seizoen in Almelo helemaal op. Spits Cyriel Dessers: „Hij werd een van de bepalende spelers.” Zijn grootste kracht? „Spelinzicht, het vermogen om iemand weg te steken met één passje.”

‘Gif in zijn flikker’

Na een jaar Almelo, waar hij het leven naast het voetbal volgens zijn gastouders „heel saai” vindt, keert Mauro terug naar PSV. Onder de nieuwe, Duitse trainer Roger

Schmidt speelt hij dat eerste seizoen regelmatig. Maar in het jaar erop dreigt Mauro opnieuw bankzitter te worden. Even overweegt hij zelfs te vertrekken, die winter, totdat Schmidt hem laat in het najaar polst of hij ook linksback zou kunnen spelen.

Verbaasd belt Mauro zijn vertrouwenspersoon Richard Mettes: „Weet je wat me werd gevraagd?!” De middenvelder moet een week wennen aan het idee, vertelt hij nu. Maar na zijn eerste wedstrijd als back is hij overtuigd. De positiewisseling betekent de definitieve doorbraak van Mauro bij PSV en een opmaat voor een rondgang over het veld. Linksback, rechtsback, controlerende middenvelder – hij blijkt op veel posities goed uit de voeten te kunnen. En op welke plek hij ook staat, het gaat „niet ten koste van het niveau van zijn spel”, zegt zijn huidige trainer Peter Bosz er in 2025 over.

Als Bosz in het najaar van 2025 besluit om controleur Jerdy Schouten van het middenveld naar de verdediging te halen, ziet hij in Mauro een ideale vervanger. Want ‘op 6’, Schoutens eerdere plek net voor de verdediging, „begint het voetbal”, volgens Bosz. Zodra een tegenstander druk zet op de verdediging, komt de controleur namelijk vrij. „Maar de ruimte is vaak heel klein en je mag er de bal niet verliezen.” Het vereist geweldige balbeheersing en passing, net als uitstekend spelinzicht. Mauro is in de ogen van Bosz een van de weinige spelers in zijn groep die al die eigenschappen combineert.

Een ander groot voordeel is dat de Braziliaan, in de woorden van Bosz, volop „gif in zijn flikker” heeft. Als er iets misgaat of tegenzit, stopt hij nooit teleurgesteld met lopen, maar zet hij direct aan. In situaties waarin Schouten van achteruit naar voren dribbelt, is Mauro zo taakbewust dat hij inzakt, zodat hij bij balverlies de tegenaanval eruit kan halen.

In zijn verdedigende taken helpt het dat Mauro zelf zo lang aanvaller is geweest, denkt Mettes. „Daardoor kan hij ‘lezen’ wat een aanvaller wil.” Tegenstanders komen hem op de flank dan ook zelden maar één keer tegen: ben je Mauro voorbij, dan zet hij het op een sprinten en duikt hij even later opnieuw voor je neus op. De voetballer zelf grijnst als hij het hoort: „Ik ben een hele irritante verdediger, ik geef nooit op.”

Bijna acht jaar is hij nu onderdeel van de selectie van PSV. De enige teamgenoot die er al net zo lang rondloopt is verdediger Armando Obispo, de rest kwam minimaal vier jaar later naar de club. Dat maakt van Mauro een „bepalende speler” en een van de leiders in de groep, zegt Bosz. Als Mauro in de rust zijn mond opentrekt, wordt er geluisterd. Sinds dit seizoen heeft de coach hem daarom ook reserve-aanvoerder gemaakt.

Veelzeggend is het besluit dat Bosz op 5 april 2025 neemt, voor een belangrijk uitduel tegen FC Groningen. PSV is in een grote sportieve dip beland, heeft de week ervoor verloren van Ajax, waardoor de landstitel uit zicht lijkt. Met de directie overlegt Bosz dat het misschien beter is dat voor één keer niet hij maar een speler het team voor de wedstrijd toespreekt. „Dan ga je denken: Wie zou dat kunnen? Van wie gaan spelers dat accepteren?” De keuze valt niet op aanvoerder Luuk de Jong of spelverdeler Jerdy Schouten, maar op Mauro. Bosz kan zich de exacte woorden niet herinneren, „maar hij wist de juiste toon te vinden”. PSV wint, met 3-1.

Een van de redenen om voor hem te kiezen, is de spilfunctie die Mauro in de groep inneemt, zegt Bosz. Zoals elke selectie kent ook PSV groepjes van spelers die het goed met elkaar kunnen vinden en vaak bij elkaar aan tafel zitten. „Maar Mauro zit net zo gemakkelijk bij het groepje van Jerdy en Guus [Til], als bij het groepje van Ivan [Perisic]. Hij wordt door iedereen geaccepteerd en gerespecteerd. Je ziet anderen nooit kijken van: wat doet hij hier nou?”

In Eindhoven heeft Mauro vrijwel alles gewonnen: vier landstitels, twee keer de beker, drie keer de Johan Cruijff Schaal. Voor veel andere spelers het moment om het hogerop te zoeken, bij een grote Europese club, in een grote competitie. Maar ondanks interesse uit het buitenland tekende de Braziliaan in het voorjaar van 2025 voor vier jaar bij. „PSV is meer dan een club voor mij”, zei hij destijds. „Het is een deel van wie ik ben geworden.”

Het is niet omdat hij nooit droomt van een „volgende stap”, zegt Mauro in de kantine van het trainingscomplex in Eindhoven. Zoals hij in gedachten ooit nog voor een Braziliaanse club uit zal komen. „Het draait voor mij niet alleen om de club of competitie. Ik kijk ook naar het leven dat ik hier nu leid.” Hij geniet van zijn woonplaats Eindhoven en de Brabantse natuur, waar hij fanatiek vist en paardrijdt. „Ik ben heel gelukkig hier en dat is voor mij het belangrijkste.”

Commenti

Post popolari in questo blog

I 100 cattivi del calcio

Echoes' Cycling Biography #4: Jean-Pierre Monseré

Chi sono Augusto e Giorgio Perfetti, i fratelli nella Top 10 dei più ricchi d’Italia?