Kansas City, straks thuisstad van Oranje, smacht naar het WK


FOTO ED ZURGA/GETTY IMAGES
De Trophy Tour in Kansas, afgelopen april, 
waar inwoners warm werden gemaakt voor het WK.

WK VOETBAL 

21 May 2026 - NRC
Milo van Bokkum 

Over drie weken begint het WK voetbal. Kansas City, een van de speelsteden, hoopt het imago van anonieme Midwest-stad van zich af te schudden. Maar als kleinste speelstad is het evenement ook een grote uitdaging. „Ik wil niet te veel beloven.”

„Als ik nu in Nederland naar mijn thuisclubje ga, 
denk ik: daar kunnen ze nog wat van leren.”
   - Patrick Bakker, voorzitter Dutch Club Kansas City.

Het toernooi kost de staten Kansas en Missouri samen 70 miljoen dollar, en de stad draagt ook nog eens 15 miljoen bij

KANSAS CITY - In de hal van het art deco-stadhuis van Kansas City hangen ze nog, geplakt tegen het marmer. Twee paarse postertjes met daarop de tekst: We want the World Cup. Ze zijn al vier jaar oud oud, uit de tijd dat Kansas City per se, absoluut, koste wat kost speelstad wilde worden. Ze zijn nooit weggehaald.

Destijds was er veel scepsis. Kon Kansas City, de nogal anonieme stad in de Midwest, echt meedraaien met Los Angeles, New York, Miami, MexicoStad? Toch reageert burgemeester Quinton Lucas negenentwintig verdiepingen boven de hal nu triomfantelijk als hij in zijn kantoor naar de posters wordt gevraagd. „We zijn de basiskamp-hoofdstad van de wereld.”

Er is geen speelstad waarvoor het WK voetbal meer betekent dan voor Kansas City (circa 2 miljoen inwoners). Hier zien ze het toernooi als één groot podium om op te schitteren. Kansas City, daar heeft bijna niemand een concreet idee bij, weten ze hier heel goed. Ja, barbecue misschien, of Travis Kelce, American Football-speler en verloofde van popster Taylor Swift – maar daar houdt het wel op.

De poging uit de schaduw te stappen is goed begonnen. Maar liefst vier teams (Nederland, Engeland, Argentinië en Algerije) kozen voor Kansas City als basiskamp, meer dan elke andere stad. De nationale selecties voelden zich aangetrokken door de goede faciliteiten en centrale ligging van de stad. Bondscoach Ronald Koeman noemde ook het klimaat als reden: hoewel het in de zomer flink heet kan zijn, is het in bijvoorbeeld Texas nog heter.

Toch gaat de échte test tijdens het toernooi komen. Kansas City, dat in weerwil van de naam vooral in de staat Missouri ligt, heeft nog nooit iets georganiseerd van de omvang van het WK, zelfs geen Super Bowl (de finale van het American Football). Ontvangt de stad jaarlijks gemiddeld 500.000 bezoekers, nu zullen dat er volgens de toernooiorganisatie 650.000 in vijf weken zijn. De kleinste speelstad van het toernooi heeft slechts één tramlijn met veertien trammetjes.

Hoe gaat dat uitpakken? „We zijn enthousiast, en een beetje angstig”, vat Amber Ayres van brouwerij Boulevard de stemming samen in haar zaak.

‘Enorme transformatie’

Rijd je over de snelwegen van Kansas City, dan zie je soms iets wat je verder nauwelijks ziet in de VS: voetbalvelden. Bijvoorbeeld langs de I-635, waar opeens de lampen, drie velden en het flitsende gebouw van hout, glas en staal van vrouwenclub Kansas City Current opduiken. Deze trainingsfaciliteiten, de eerste ter wereld alleen voor een vrouwenclub, worden de uitvalsbasis van Nederland tijdens het WK.

„Het is een enorme transformatie geweest”, vertelt Patrick Bakker, voorzitter van de bescheiden Dutch Club of Kansas City. Hij woont met zijn Amerikaanse vrouw al jaren in de stad en toen zijn vijfjarige dochter rond 2008 op een voetbalclub ging, werd in Kansas City nog op „American Football-oefenvelden” gespeeld. „Er waren geen lijnen op het veld, niks.”

Jaren later zijn er „gigantische complexen met twintig voetbalvelden en de beste technologie”, vertelt hij in een café in het centraal station van Kansas. „Als ik nu in Nederland naar mijn thuisclubje ga, denk ik: daar kunnen ze nog wat van leren.”

In de wat voetbalschuwe Verenigde Staten is Kansas City een uitzondering. Al in de jaren zestig kenden de Kansas City Spurs een relatief trouwe fanschare, de afgelopen jaren is voetbal in deze sportgekke stad helemaal doorgebroken. Sinds 2009 investeerden clubs in de stad ruim 650 miljoen dollar (ongeveer 555 miljoen euro) in betere voetbalfaciliteiten. Voetbal is er nog lang niet zo groot als honkbal of American Football, maar veel groter dan in veel andere steden. Er zijn twee profclubs, Sporting KC en Current.

Kansas City kan zich met recht de voetbalhoofdstad van de VS noemen. Maar toen Bakker hoorde dat zijn stad zich zou aanmelden als speelstad, was hij toch sceptisch. „Iedereen had zoiets van: leuk geprobeerd.”

Vier jaar later is het dankzij een fanatieke – zeg gerust: obsessieve – houding van de stad toch zover. Geen plaats wilde het toernooi liever dan Kansas City. De stad liet in oktober 2021 zo’n tweehonderd Sporting KCmedewerkers los in het vliegveld (dat geen intercontinentale vluchten heeft) om een levendige indruk te maken op een bezoekende FIFA-delegatie. Later verscheen ook ’toevallig’ een groepje voetballers voor hun hotel. De route die de delegatie aflegde, stond vol met billboards waarin praktisch gesmeekt werd om het WK.


FOTO MILO VAN BOKKUM
De poster die al vier jaar in het stadhuis van Kansas City hangt.

„Het betekent gewoon meer voor ons dan voor andere steden”, zegt Pam Kramer, hoofd van het lokale organisatiecomité, in een café in het centrum. „We hebben nu een kans om aan mensen te laten zien dat we meer zijn dan flyover country, en ook geweldige restaurants, bars, musea hebben.”

Imago-boost

Het toernooi kost de staten Kansas en Missouri samen 70 miljoen dollar, en de stad draagt ook nog eens 15 miljoen bij (FIFA, daarentegen, bijna niks). In sommige speelsteden is politieke ophef over de hoge kosten, maar in Kansas City nauwelijks. De regio lijkt het de prijs waard te vinden voor een mogelijke imago-boost. Alleen: om die ook echt te realiseren, moet het toernooi hier straks wel vlekkeloos verlopen. En dat is als kleine stad, die zelden bezoekers – laat staan internationale – ontvangt of evenementen organiseert, best een uitdaging.

„We hebben al héél veel planning gedaan voor de Oranjemars”, lacht burgemeester Lucas in zijn kantoor – Nederland speelt in Kansas tegen Tunesië. De Missouri Restaurant Association heeft haar leden gewaarschuwd: zorg dat je halalvlees op je menu hebt voor de Algerijnen. Wees voorbereid dat Nederlanders de rekening graag splitsen. En op dat niet elk land dezelfde fooicultuur heeft als de VS. Bij de brouwerij van Boulevard vertalen ze de informatie van de rondleidingen door de brouwerij naar het Spaans, voor de Argentijnen. Airbnb bood cursussen aan om huizen te verhuren, om het enigszins schrale aanbod uit te breiden.

De spannendste vraag: hoe gaan alle fans zich verplaatsen? Dat is ook waar Lauren Krutty, operationeel directeur van de Kansas City tram, wakker van ligt – letterlijk. Aan het einde van een enthousiaste tramtour door de stad, van de historische wijk langs de Missouri River tot de bars van het Power&Light-distrct, merkt ze nonchalant op dat ze al 36 uur niet geslapen heeft.

Huh? „We doen nachtelijke testritten op een nieuw stuk van het traject”, vertelt ze. Een korte verlenging van de enige tramlijn moet naar het basiskamp van Argentinië gaan leiden; de gloednieuwe rails zijn op de kade bij de Missouri River al te zien. Het is de bedoeling dat het traject op tijd open zal gaan voor het WK, maar Krutty laat zich er in april nog niet op vastpinnen. „Ik wil niet te veel beloven.” (In mei blijkt dat het inderdaad zal lukken).

Krutty werkt zich in de aanloop naar het toernooi compleet over de kop. Voor haar organisatie is het WK de ultieme test. De tramlijn, die op en neer rijdt over Main Street, geldt als de ruggengraat van het transportnetwerk tijdens het toernooi. Alleen: er zijn maar een handvol kleine trammetjes.

Krutty lijkt zelfs de meeste bestuurders bij naam te kennen. „Ik zou liegen als ik zou zeggen dat ik niet een beetje geïntimideerd was”, zegt ze. Er zullen bussen als achtervang klaarstaan, mocht de tram veel te druk worden. Het wordt absoluut spannend, maar ze probeert zich er ook een beetje bij neer te leggen. „We doen wat we kunnen doen.”

„Toen de FIFA ons uitkoos, zeiden ze meteen: transport moeten jullie oplossen”, zegt Pam Kramer van het lokale organisatiecomité. Kansas City is, misschien nog wel meer dan veel andere Amerikaanse speelsteden, een autostad. De regio heeft de meeste snelweg-kilometers per hoofd van de bevolking. Vandaag de dag gaat er één keer per uur een bus naar het vliegveld, die ruim een uur onderweg is door buitenwijken en na tien uur ’s avonds niet meer rijdt. De rest van het busnetwerk bestaat uit tergend trage en weinig frequente routes.

Kansas City huurde daarom als eerste speelstad honderden bussen en chauffeurs uit de rest van de VS. „Daarna hebben we de prijzen daarvoor behoorlijk zien stijgen”, zegt Kramer opgewekt.

In feite wordt een heel nieuw, tijdelijk transportnetwerk opgetuigd (een groot deel van de organisatiekosten gaat hier naartoe). Het is de bedoeling dat er shuttles gaan rondrijden, tussen het vliegveld, het stadion en de fanzone – die zo een netwerk vormen met de tram. Een retour naar het stadion wordt 15 dollar, naar het vliegveld is gratis – een groot contrast met de meer dan 100 dollar die treintickets naar het stadion in New Jersey zullen kosten.

Identificeren met Curaçao

Waar maakt Kramer zich zelf het meeste zorgen over? „Het is lastig om aan de lokale bevolking te communiceren hoe groot dit is”, zegt ze. In de VS hebben veel mensen nauwelijks een goed idee van het WK. Beseffen mensen wel wat op hun stad afkomt? „Ik zeg hier voortdurend dat een gemiddelde WK-wedstrijd wereldwijd meer bekeken wordt dan de Super Bowl.” Patrick Bakker van de Dutch Club denkt dat die boodschap inmiddels goed is aangekomen. In de buitenwijk waar hij woont hoort hij mensen zeggen dat ze de stad gaan verlaten tijdens het toernooi. „Dan denk ik wel: waar heb je het over? Er komen wel wat mensen, maar het is niet zo dat de suburbs overrompeld gaan worden of zo.”

Het zou hem niks verbazen als de verwachtingen te hoog zijn. Gaan er echt elke avond 25.000 mensen naar het fanfest? Rondom de wedstrijden vroegen hotels eerst 600 dollar, zegt hij. „Er was niemand die dat boekte. Nu zie je dat de prijzen genormaliseerd zijn.”

Dat is in meerdere speelsteden het geval; hotelboekingen rondom het WK vallen tot nu toe tegen. In Kansas City ziet het er ook nog niet goed uit, bleek uit een recente update van de American Hotel & Lodging Association. Volgens sommigen hangt dat samen met het internationaal negatieve imago van de VS onder president Donald Trump.

Kan het zijn dat de nationale politiek het feestje van Kansas City verpest? Tot uitspraken daarover laat Kramer zich niet verleiden. „Ik ben blij dat de regering heeft gezegd dat het WK voor hen ook een prioriteit is. En verder houden wij ons bezig met wat we zelf kunnen beïnvloeden.” De organisatie houdt vast aan het idee van 650.000 bezoekers.

Hoe dan ook wordt het voor Kansas City vrijwel zeker het belangrijkste evenement uit de geschiedenis. Kramer heeft al wel een idee welk team hier in de stad de steun van de bevolking zal hebben. „Wij kunnen ons identificeren met Curaçao. Ze zijn het kleinste land en kijken er net zo naar als wij, hebben we gemerkt: heel blij dat ze erbij zijn, en een kans om aan de wereld te laten zien wie ze zijn.”

Commenti

Post popolari in questo blog

I 100 cattivi del calcio

Echoes' Cycling Biography #4: Jean-Pierre Monseré

SKIP DILLARD`S STORY: COCAINE, CRIME, PRISON, HOPE